Month: December 2016

Een karikatuur van ontsnappende vrienden

c23da250a2c1f046fd70046a504d5b5aIk ben fan van escape rooms. Wanneer je mij iets geeft wat ik op kan lossen, doe ik dat (of waag ik in ieder geval een dappere poging). Ik zou nog een hele post kunnen schrijven over mijn onbedwingbare neiging puzzels op te lossen, maar vandaag wil ik het over een ander aspect hebben.
Dat ik fan ben van spellen en team-building-achtige activiteiten, komt omdat die alle processen en rollen in een groep uitvergroten. Tijdens mijn escape room ervaring van anderhalve week geleden heb ik eens opgelet hoe mijn vrienden dat doen. Vanuit die ervaring, gemixt met jarenlange observaties tijdens spelletjes, heb ik een aantal karikaturen ontwikkeld die ik graag met jullie deel.

De regelnicht De regelnicht is iemand die vindt dat er volgens de regels gespeeld moet worden, no matter what. Is er ergens een slimmere, ondergrondse, eigenlijk niet helemaal eerlijke oplossing voor? Jammer dan, regels! Voor de regelnicht is de winst pas wat waard als deze eerlijk verdiend is. Je kunt je out-of-the-box oplossingen beter geheimhouden, want voor je het weet staat ze naast je om je terug te fluiten. ‘Halloo! Dat mag niet! Je weet wel, alinea 4, regel 4.34 uit de handleiding…’ Het ergste is, je wéét dat ze gelijk heeft. Er zijn twee opties. De regelnicht in koele bloede ombrengen zodat je alle vrijheid hebt om te doen wat je wilt, of volgens de regels spelen. Kies verstandig!

De doomdenker Dit is zo iemand die vooraf aan het hele gebeuren al roept ‘nou, dit gaat ons echt nooit lukken!’ Vol overtuiging. ‘Deze puzzel is echt veel te moeilijk’, waarna hij een hoorbare zucht slaakt en misschien zelfs wel even uit wanhoop zijn armen langs zijn lichaam laat bungelen. De doomdenker is zeker aan het begin een blok aan het been. Natuurlijk is zo’n puzzel wel op te lossen, jullie zijn echt niet de eerste groep die in deze ruimte zijn opgesloten, maar daar heeft de doomdenker geen boodschap aan. Halverwege het hele gebeuren vindt er ineens toch een interessante ontwikkeling plaats. De doomdenker, die tot die tijd vooral geobserveerd heeft hoe de rest stinkend zijn best doet, begint ineens in te zien dat er puzzels worden opgelost. Er verschijnt, misschien vreselijk minuscuul, een lichtpuntje aan zijn donkere horizon. Zou het dan toch kunnen lukken? Dáár moet je gebruik van maken! En zorg er dan in ieder geval voor dat je escape room uit komt voor de klok op nul staat, zodat de doomdenker niet de kans krijgt te zeggen wat niemand wil horen ‘ik zei het toch!’.

163ee4585cc8da7571ea0630b4c68e67De I-do-not-care-bear Deze persoon interesseert het allemaal geen hol. Zo’n escape room is vast leuk bedacht, maar waarom zou je je in godsnaam vrijwillig laten opsluiten om een uur lang uitputtelijk naar oplossingen te zoeken die je niet nodig had gehad wanneer je er in eerste instantie niet aan was begonnen. Bovendien kost het nog geld ook. In het belang van wereldvrede (en onderlinge relaties) laat de beer zich uiteindelijk overhalen om dan toch maar mee te doen. Terwijl iedereen zich volledig uitslooft, bekijkt de beer de rest met een bepaalde ontspannen nieuwsgierigheid, zoals je naar een mierennest kunt staren. Als het daar bij blijft is er geen probleem. Sommige beren gaan vanuit hun het-kan-me-niets-schelen-mindset de boel een beetje op stelten zetten. ‘Wat zou er gebeuren als ik dit even op een andere plek verstop?’ of ‘Goh, ik kan ook hier een beetje stoken, dat is grappig’. Nee, bloed irritant! (Eerlijk toegeven, dat hebben we bij een mierennest allemaal wel eens gedaan. Maar dit is anders, héél anders!) Deze provocatieve I-do-not-care-bear is de allerergste.

De paniekfreak Wanneer je net in zo’n escape room wordt losgelaten en nog meer dan 50 minuten op de teller hebt staan, redt je het allemaal nog wel. De paniekfreak voelt echter steeds meer nattigheid. De tijd begint te dringen. Wanneer de teller onder de 20 minuten komt is de paniek voelbaar, niet alleen voor de freak zelf, maar ook voor iedereen er omheen. Hij begint steeds wilder te praten en gebruikt ondersteunende handgebaren die zijn innerlijke onrust weerspiegelen. Op een gegeven moment vliegen woorden in onwillekeurige volgorde zijn mond uit en kan niemand er meer een touw aan vastknopen. Dat helpt niet hè. Daar komt nog bovenop dat paniek besmettelijk is, dus binnen de kortste keren rent iedereen gillend met zijn armen boven zijn hoofd door de ruimte. Het mooiste is wel, dat wanneer je de oplossing kunt vinden ondanks de hysterie van de paniekfreak, het een extra grote prestatie is.

Het egoïstische genie Zo’n escape room kun je niet in je eentje oplossen. Je hebt elkaar nodig en communiceren is een belangrijk onderdeel. Het egoïstische genie heeft een hele sterke eigenschap; de mogelijkheid tot het bedenken van geniale ideeën. De meeste mensen in zo’n escape room storten zich op de overload aan informatie die er te vinden is en kunnen er vervolgens geen touw aan vast knopen. Het genie daarentegen, heeft de oplossing allang in haar hoofd. Maar om de een of andere duistere reden, wil ze daar liever even zelf van genieten. Het is voor mij nog niet helemaal duidelijk of het egoïstische genie niet wéét dat de mogelijkheid bestaat dat je gedachten hardop kunt uitspreken, of dat ze het leuker vindt ze voor zichzelf te houden. Het genie blijft vrijwel het gehele spel undercover, tot ze na de mislukte ontsnap poging hoort wat de oplossing is en zegt ‘oh, ja dat dacht ik eigenlijk vanaf het begin al’. AARRGG!! Kill me now!

3e4e4c1b2a9c19cc1c707089c430d863Het oog van de storm Het oog is iemand die afschrikwekkend kalm is, terwijl er om hem heen een storm raast. Deze persoon is immuun voor de invloed van de paniekfreak en de doomdenker. Wanneer iedereen zich vreselijk uitslooft, de ruimte door rent, tegen elkaar schreeuwt of kreten van verrukking slaat bij onverwachts gevonden oplossingen, blijft het oog rustig. Hij kiest gewoon een puzzel uit en richt daar al zijn aandacht op. Knappe vent die hem daar vandaan krijgt. Hij haalt simpelweg zijn schouders op bij een provocatie actie door de I-do-not-care-bear of ‘wijze raad’ van de regelnicht. Eigenlijk gewoon de perfecte aanpak, maar daarom zo verschrikkelijk vervelend. Wat is nu de lol van perfectie? En het werkt onwijs op mijn zenuwen, hoe kun je toch zo rustig blijven? Hoe dan?

Disclaimer: Mijn beschreven rollen zijn karikaturen, ze berusten op mijn overdreven en onrealistische kijk op de werkelijkheid. De termen hij en zij zijn willekeurig gebruikt. Overeenkomsten met werkelijke personen berust volledig op toeval. Herken je jezelf in mijn beschrijvingen? Shit zeg, en ik maar denken dat je mijn blog nooit lees. Hoe kan ik het goedmaken?

Ik moet zeggen dat ik ontzettend genoten heb van mijn escape room ervaring (en ik ben blij dat ik het er levend vanaf gebracht heb). Mijn vrienden zijn een bron van inspiratie. Ik ben zo blij dat ze allemaal verre van normaal zijn…

Bron foto’s: 1, 2 en 3

Het magische omdat

Het woord ‘omdat’ lijkt een magische uitwerking te hebben op je medemensen. Wist je dat?

Ellen Langer onderzocht het effect van het geven van geen reden, een goede reden of een reden die nergens op slaat. Ze bekeek de reactie van mensen die in de rij voor het kopieerapparaat staan te wachten, wanneer er iemand komt die voor zijn/haar beurt wat printjes wil maken. Wanneer er geen reden gegeven wordt, blijk slechts 64% van de mensen akkoord te gaan. Zodra er wel een reden gegeven wordt, ligt het percentage mensen dat het goed vindt boven de 93%. Uit haar onderzoek blijkt dat het niet uitmaakt of de reden die gegeven wordt ergens op slaat of niet. En dát biedt kansen.

13167449_1628423670814087_611980752_nWil je ergens onderuit komen? Wil je dat mensen iets voor je doen? Gebruik het magische omdat. Blijkbaar hoef je weinig energie te verspillen aan het bedenken van een goede reden, die heeft namelijk geen invloed op de kans dat iemand met je verzoek instemt. Stel je eens voor wat je met een goede (of vreselijk slechte reden) allemaal voor elkaar zou kunnen krijgen. (Disclaimer: het voordringen in de rij voor het kopieerapparaat is natuurlijk niet helemaal vergelijkbaar met iemand vragen het huis van je ex in de fik te steken… maar je kunt het proberen natuurlijk.)

Ik denk dat het leven zoveel leuker zou zijn als we allemaal iets rebelser met de omdat zouden omgaan. Na het lezen van The Life-Changing Magic of Not Giving a F*ck ben ik me gaan realiseren dat we met veel meer wegkomen dan we vaak denken. In combinatie met het regelmatig geven van (onzinnige) redenen, ligt er een wereld voor ons open. De mogelijkheden zijn eindeloos. En nog mooier, dat alles doe je dan natuurlijk zonder je zorgen te maken over wat anderen daar van denken!

Bron afbeelding

Books of November

Wauw, de tijd vliegt (cliché, maar verschrikkelijk waar) en november hebben we er al weer op zitten. Net als na vorige maand, wil ik ook nu enkele boeken delen die op mij het meeste indruk gemaakt hebben. Goede boeken, spannende boeken, emotionele boeken, mooie boeken, maar vooral inspirerende boeken. Boeken die mij aan het denken hebben gezet, die mijn kijk op de wereld veranderd hebben of die me vast gegrepen hebben en niet meer hebben losgelaten…

Hierbij mijn ‘most inspiring books of November

A Monster Calls – Patrick Ness
Nederlandse titel: Zeven minuten na middernacht
Goodreads | Bol

15056753_1043244272464800_4846907740708143104_nIn ‘A Monster Calls‘ beschrijft Ness het verhaal van Conor. Conor woont samen met zijn moeder. Zijn moeder is ziek. Op een keer, zeven minuten na middernacht, verschijnt er een monster voor zijn slaapkamerraam. Conor is niet bang, want hij heeft wel engere monster ontmoet (zoals in zijn nachtmerrie). En dit monster komt met verhalen.

Ik zou het boek indelen in het genre ‘magisch realisme’. Hoewel we monsters niet dagelijks tegenkomen (wat uiteraard niet betekent dat ze niet bestaan) gebruikt Ness hem op zo’n mooie metaforische manier, dat het perfect in dit verhaal past. Het is een onvergetelijk verhaal over wat het met een jongen doet, wanneer zijn moeder ernstig ziek is. Het boek is duister, beklemmend en indrukwekkend. In mijn editie zaten illustraties, die maakten dat het verhaal nog meer indrukt maakte. Tegen het eind hield ik het niet droog, het raakte me enorm. Ik weet zeker dat Conor en zijn monster mij de rest van mijn leven bij blijven.

Don’t think you haven’t lived long enough to have a story to tell. – Patrick Ness

The Life-Changing Magic of Not Giving a F*ck – Sarah Knight 
Nederlandse titel: Don’t give a Fuck
Goodreads | Bol

img_0027

In dit boekje beschrijft Sarah Knight haar methode om vast te stellen wat er allemaal om jouw aandacht vraagt, hoe je de keuze maakt ergens wel of niet om te geven en hoe je de dingen waar je niet om geeft beleefd maar resoluut uit je leven bant. Ze onderscheid vier categorieën: 1) dingen, 2) werkgerelateerde zaken, 3) vreemdelingen en vrienden, en 4) familie. Binnen alle categorieën hebben we dingen die we onwijs belangrijk vinden, maar ook dingen die we gemakkelijk kunnen laten vallen zonder dat de wereld vergaat/je je baan verliest/je vrienden je de rug toe keren. Door afscheid van die dingen te nemen heb je meer energie, tijd en geld over voor dingen die wél heel erg belangrijk voor je zijn.

Dit boek is een parodie op het boek over opruimen van Marie Kondo dat ik met veel plezier heb gelezen. Dat kan natuurlijk twee kanten op gaan, of het is vreselijk slecht of zeer interessant. Nu was het vooral het laatste, maar ook af en toe het eerste. Laat ik direct duidelijk zijn, dit is geen literair hoogstandje. Er waren duidelijk redenen waarom ik dit boek geen vijf van de vijf sterren heb gegeven. Maar er zijn twee redenen waarom het wél op mijn lijstje van inspirerende boeken is terecht gekomen. De eerst is simpelweg dat ik me rot gelachen heb tijdens het lezen van dit boek. De tweede is de belangrijkste: het boek heeft ervoor gezorgd dat ik me realiseer dat ik niet alles moet willen, alles goed kan doen en overal energie, tijd en geld in kan steken. Sommige dingen kosten gewoonweg te veel van alles en leveren vooral frustratie op, waardoor je beter kunt zeggen dat je er geen fuck meer om geeft. Ik vond het boekje verfrissend en inspirerend, en het gaf me moed aan mezelf toe te geven dat ik sommige dingen gewoon niet belangrijk vind.

I call it the NotSorry Method. It has two steps: 1) Deciding what you don’t give a fuck about 2) Not giving a fuck about those things. – Sarah Knight

Achter gesloten deuren – B. A. Paris
Originele titel: Behind Closed Doors
Goodreads | Foto van Bol

9200000059720619Via een vriendin hoorde ik dat dit boek echt de moeite waard was. Zodra ik de omschrijving las was ik helemaal om. Jack en Grace zijn het perfecte koppel. Ze hebben een huwelijk om jaloers op te zijn, als je ze niet aardig zou vinden. Maar om de een of andere manier is er iets vreemds aan hun relatie. Grace komt nooit alleen, ze neemt nooit de telefoon op en heeft nergens tijd voor, ook al werkt ze niet. Toen ik dit las had ik in mijn hoofd al allerlei scenario’s over wat er aan de hand zou kunnen zijn.

Een goede thriller schrijven is ingewikkeld. Bij dit boek was ik tot het laatste moment geboeid. Aan het begin vond ik hem een klein beetje traag, maar dat werd later ruimschoots goedgemaakt. Het verhaal zat stevig in elkaar, er werd niet te veel en niet te weinig weg gegeven. En B. A. Paris stopt er elementen in die bij mij een hoop emoties losmaakten. Ik vond het vreselijk soms, ik walgde ervan, ik verafschuwde de personages, maar wat maakte dat dit boek fantastisch! Nadat ik hem uithad, had ik moeite het verhaal los te laten…. en dat zegt wel wat.

Een ode aan onze eigenaardigheden

We doen met z’n allen zo ons best normaal te lijken, dat we soms even vergeten hoe fantastisch het is als we een beetje gek zijn. Ik vind het in ieder geval erg leuk om er achter te komen dat iemand anders iets geks heeft, iets raars doet of een bijzondere gewoonte heeft. Op Facebook zit ik in een NaNoWriMo-groep, waar ik mijn mede wannabe-schrijvers gevraagd heb een gekke gewoonte van henzelf te delen. Dat deden ze massaal. Hieronder de leukste, gekste en herkenbaarste eigenaardigheden.

  • “Ik klop op liftdeuren voor ze open gaan. Naarmate ik ouder ben geworden ben ik me gaan beseffen hoe raar het is, dus ik doe het enkel als ik alleen ben of met familie, maar het voelt wel vreemd als ik het niet doe.”
  • “Een rare gewoonte van me is dat ik praat tegen mijn auto, alsof ze me kan verstaan. En ik aai het stuur alsof het haar hoofd of hand is.” Een andere lezeres herkent dat en voegt toe: “Ik doe dat ook! Vooral wanneer mijn benzine bijna op is, dan smeek ik mijn auto het nog even vol te houden.”
  • “Als ik een stukje papier op de grond zie liggen MOET ik het oppakken om te zien of er iets op geschreven is.”
  • “Ik kan gewoon geen kussen of speelgoed slaan, dat vind ik zielig. Ik word snel boos, waarop mensen mij altijd adviseren me af te reageren door op een kussen te slaan. Dat lukt me gewoon niet!”
  • “Vroeger toen ik klein was vloog ik door de kamer wanneer ik nadacht, wat ik de helft van de tijd eigenlijk niet eens door had. Ik rende dan helemaal naar achterin het huis, sprong op of over de bank, waarna ik weer terug rende. Het feit dat mijn hart daar sneller van ging kloppen hielp me nadenken. Ik deed het nooit als mijn familie thuis was. Ik maakte me ook altijd zorgen dat ik er niet mee zou kunnen stoppen als ik ouder zou worden en misschien wel huisgenoten zou krijgen, maar het ging eigenlijk vanzelf over.”
  • “Ik ben extreem bang voor afvoerputten op straat, vooral die met roosters erboven. Ik moet mijn sleutels, die dan in mijn zak zitten, heel stevig vasthouden. Anders verlies ik ze, dat weet ik gewoon.”
  • “Als ik met een kaartspel heb gespeeld, schud ik ze altijd voor ik ze opruim. Ik doe dit al vanaf dat ik klein ben, maar besef me pas sinds een jaar of twee dat het een beetje gek is.”

a356bbac66461bf939e6b4bf99c6e624

  • “Ik kan geen enge films kijken met blote enkels. Ik verstop ze onder een deken of laat mijn verloofde ze vasthouden, waarbij hij dan letterlijk zijn handen om mijn enkels vouwt, omdat ik bang ben dat ze gegrepen worden door iets of iemand.”
  • “Vaak meerdere keren per dag, wanneer ik gestrest, angstig of opgewonden ben (oeh, ik kan niet geloven dat ik dit vertel), flapper ik met mijn handen alsof het vleugels zijn. Ik deed dit al van kinds af aan (ik had een vogel, oke?!). Sinds ik volwassen ben, ben ik me gaan realiseren hoe vreemd het is. Nu doe ik het enkel als ik alleen ben.”
  • “Ik probeer nog steeds op stoeprandjes te balanceren zonder er af te vallen… en ik ben 26 jaar”
  • “Wanneer ik onder een viaduct door rijd, leg ik mijn hand tegen het dak van de auto om het omhoog te houden voor het geval het viaduct naar beneden komt.”
  • “Ik kan alleen slapen in blauwe of groene pyjama’s of dekens.”
  • “Toast met boter en ketchup vind ik echt heerlijk. Er zijn aardig wat mensen die me vreemd aankijken… maar sinds de meeste van hen bereid zijn vrijwillig garnalen te eten, maak ik me niet echt zorgen om wat ze denken.”
  • “Voor mij is het absoluut onmogelijk een gebouw binnen te gaan door de uitgang, of te verlaten door de entree.”
  • “Ik verontschuldig me wanneer ik voor mijn hond langs loop. Like hello, manners!

a153b0bec9f3d5c808c911bf622d7379

  • “Ik geef alles een naam. Het zijn niet gewoon laarzen, het zijn mijn ‘Sally Boots‘, omdat ze lijken op de laarzen die Sally draagt in Nightmare Before Christmas. Ik zoek niet naar mijn sleutels, ik zoek naar Casper (het vriendelijke spookje, de meest herkenbare sleutelhanger aan mijn sleutelbos). Mijn tas is ‘my little Jack Backpack‘ en mijn ketting is mijn ‘lucky bunny‘. — Mijn vrienden gaan er in mee. Zodra ze de naam van mijn spullen weten, zeggen ze ook dingen als ‘Casper ligt op de tafel’ of ‘je hebt je bunny in de badkamer laten liggen’.”
  • “Als jij een bordje uit de kraag van je t-shirt hebt steken, los ik het op. Het kan me niets schelen dat we elkaar nooit eerder gezien hebben. Ik MOET dat labeltje terug in je t-shirt stoppen.”
  • “Ik kan niet slapen in mijn bed als deze niet is opgemaakt vlak voordat ik erin stap.”
  • “Ik heb een hekel aan nat zijn. Douchen gaat nog zolang ik onder het warme water sta, maar de uren die het duurt om mijn haar droog te krijgen zijn verschrikkelijk. Afwassen vind ik ook verschrikkelijk, omdat ik niet kan voorkomen dat ook mijn kleren een beetje nat worden. De enige uitzondering die er is, is dat ik er gek genoeg wel van houd buiten te zijn in de regen.”
  • “Mensen vinden het raar dat ik, wanneer ik buiten loop, zoveel mogelijk voorkom dat ik op insecten trap. Ik spring over ze heen, of wacht tot ze de stoep zijn overgestoken als ik ze op tijd zie.”

Deze gekke dingen zorgen voor een glimlach op mijn gezicht. Ik was enorm onder de indruk van de openheid van alle mensen die hun eigenaardigheden wilde delen met de rest van de wereld. Misschien moeten we ze niet langer voor elkaar verbergen, maar er gewoon trots op zijn. Bovendien zijn ze ook nog eens een goudmijn voor schrijvers; karakters met eigenaardigheden zijn nou eenmaal echter.
Nu vragen jullie je misschien af, wat die van mij dan zijn…

  • Ik voorkom dat ik op slakken ga staan. Naaktslakken vind ik vies, maar huisjes slakken eerder schattig. Mocht ik ze toch al krakend pletten onder mijn schoen, zeg ik hardop sorry omdat ik het zielig vind (ook al loopt er iemand naast me).
  • Daarnaast heb ik de onbedwingbare neiging spullen in winkels aan te raken (ja, ook als er staat dat ik er niet aan mag komen). Vooral stoffen en boeken, of voorwerpen met een interessant oppervlak.
  • Ik koop alleen een boek als het er mooi uit ziet. Al wil ik hem nog zo graag hebben, en er zit een vouw in de kaft of er staat een streep op, dan laat ik hem liggen. Als er een stapel ligt, zoek ik ongegeneerd de mooiste uit.

Nu ben ik uiteraard ook ontzettend benieuwd naar die van jou…

Bron van beide foto’s: Pinterest.com